Van Saint Quentin naar Fonsomme om daar de auto neer te zetten.
Van Fonsomme naar de camping municipal in Saint Quentin gewandeld.
Met de fiets terug naar Fonsomme.
Met auto + fiets weer naar camping Saint Quentin.
Eergisteren kwam ik vanuit Rotterdam op een mooie tijd in Saint Quentin aan. Rond 16.00 uur, mooi vóór de spits. Maar helaas, de route die ik reed was afgesloten.
Andere route zoeken op Truus. Afgesloten. Weer andere route zoeken. Afgesloten. Het leek erop alsof de gehele binnenstad van Saint Quentin afgesloten was.
Uiteindelijk ben ik naar een alternatieve camping gegaan. Deze camping is iets minder romantische als die belgische camping in Binche, maar toch zijn de plaatsen fijner dan op een gewone camping. Helaas wel veel gravel. Campers, caravans en staanhuisjes hebben blijkbaar geen gras nodig....
Echter, deze camping ligt net te ver van de stad om als uitgangsbasis voor de wandeling te dienen. Daarom heb ik gister de tent weer afgebroken en ben ik naar de camping municipal van Saint Quentin verkast.
Achteraf bleek het volkomen logisch dat de binnenstad van Saint Quentin geheel afgesloten was: De flamme olympique werd door de stad gedragen!
Gister ben ik na de verhuizing naar de camping municipal, de stad in gewandeld. Ze hebben een basiliek. Jemig wat een gevaarte! Deze stad moet vroeger erg rijk geweest zijn!
Onder welk gezag viel deze stad rond 1600? Ik heb nog nooit zo een grote kerk gezien!! Massieve pilaren, want erg hoog. Oppervlakte zeer groot.
Maar er zijn wel veel beelden beschadigd. Velen zonder hoofd. De beeldenstorm? Ook zie ik veel slecht onderhoud.
Pleister dat afbrokkelt. Kleuren die vaal zijn. En stof op de iets hoger gelegen beelden.
Ergens in een afgesloten alkoof zag ik een omgevallen orgelpijp liggen, ogenschijnlijk gewoon afgebroken door slijtage.
Die kerk moet ook heel wat oorlogen meegemaakt hebben! Ook die bezetters zullen wel een en ander hebben beschadigd. Vanaf 1916 was Saint Quentin blijkbaar door de Duitsers bezet. En van '40 tot '44 ook. Ook tijdens de 1890tiger jaren zaten de Duitsers hier. Wist ik allemaal niet. Net als de Frans Nederlandse ruzies, waren er hier ook de Franse Duitse ruzies. Ben eigenlijk wel nieuwsgierig hoe dat zat in de jaren 1600 t/m 1900! Er zijn dingen gedaan die nergens in de Nederlandse geschiedenis vermeld worden. Maargoed, ik ben te oud om alsnog een middeleeuwse geschiedenis te gaan onderzoeken....
Kop is eraf, ben onderweg. Dit kalenderjaar voor het eerst.
Ik loop nu langs water; het stroomt maar het is wel omdijkt en aan de beide kanten heb je lager gelegen water, dat noemen ze dan moeras. Het is de Somme, die in Fonsomme begint; zou Fonsomme zoiets betekenen als Fontaine de Somme? Ik hoor en zie ik hier trouwens geen eenden, zouden ze die allemaal al afgevangen hebben? Wel meerkoeten.
Kijk, en ineens hoor ik een eend, de eerste.
Zitten nu veel vogels, mooi weer, nu is het nog niet te warm. Gaat nog wel komen.
Ik vind dit wel een heel goed begin. Vanaf Fonsomme loop ik naar Saint Quentin. Ik hoop dat het niet al te ver is, als eerste dag is het altijd even moeilijk, je moet erin komen. Maar vanwege die rivier, met daarnaast een kanaal, loopt het wel lekker vlak, geen heuveltje op heuveltje af. En dat vindt de vlakkelander toch wel prettig zo'n eerste dag.
Verhip, ook hier alweer die Japanse duizendknoop, die grote plant die je nooit meer wegkrijgt. Dan liever de normale brandnetel.
Ik zag net een beetje beweging in het water, ik denk dat er forel zit. Plons.
Waarom wil ik dit doen? Ik weet het wel hoor, waarom ik dit wil doen.
Het is nu mooi weer, het is niet heel warm, een graad of 28.
Ik loop op een gravelpad. Tussen de velden door nu.
Ik geniet hier gewoon van. Daarom doe ik het. Ik geniet ervan.
Tja, voor een pelgrim is dat natuurlijk anders.
Een pelgrim loopt om zijn doel te bereiken.
Ik loop om gelukkig te zijn, me prettig te voelen.
De grond waarover ik loop, is zeg maar oude koeiestront.
Dat ruik jij niet, maar ik wel. En dat ruikt gewoon lekker.
Hup, Patrijs vliegt weg. Leuk, gewoon leuk!
Hup, broertje van de patrijs.
Nou daarom doe ik het, komt hoogst zelden voor dat een patrijs weg schiet.
Maar je voelt je mens. Het is nu een uur of 11, ik ben nog niet moe. Als je moe bent kijk je natuurliljk heel anders tegen de wereld aan, maar dat zien we dan vanmiddag wel weer.
En over een dag of 2, 3 zal het ook wel weer gaan regenen. Dat zien we dan wel weer.
Maar nu, de kop is eraf, ik geniet, ik weet gewoon dat ik door zal gaan.
Gewoon doorgaan, richting Santiago.
Of ik het haal met mijn leeftijd, met mijn ziekte, met mijn eetproblemen?
'k Weet het niet. Kijk er niet naar uit. Ik kijk ernaar uit dat ik bezig ben.
11.39 Etenstijd...